Greco di Tufo

Groen (wit)

Greco di Tufo

Vitis vinifera 'Greco'

Introductie

Greco di Tufo is meer dan zomaar een witte wijn; het is een levend stukje geschiedenis, een culinaire brug tussen het oude Griekenland en het hedendaagse Campanië. Deze edele druif, die haar naam dankt aan haar vermeende Griekse afkomst en de vulkanische tufsteenbodems van haar thuisregio, staat bekend om haar opmerkelijke structuur, levendige zuurgraad en een complexiteit die men zelden aantreft in witte wijnen. Een glas Greco di Tufo is een reis naar de zonovergoten hellingen van Zuid-Italië, doordrenkt met de minerale essentie van een landschap gevormd door vulkanische activiteit.

Wat Greco di Tufo zo bijzonder maakt, is de unieke combinatie van haar aromatische intensiteit en haar vermogen om te rijpen. Waar veel witte wijnen hun charme verliezen na enkele jaren, ontwikkelt Greco di Tufo zich met de tijd, waarbij primaire fruit- en bloemtonen plaatsmaken voor meer complexe, tertiaire aroma’s van honing, noten en mineralen. Het is een wijn die de zintuigen prikkelt met zijn heldere geelgouden kleur, zijn gelaagde geurprofiel en zijn lange, aanhoudende afdronk. Voor de avontuurlijke wijnliefhebber biedt Greco di Tufo een authentieke, onvergetelijke ervaring die de rijke cultuur en het unieke terroir van Campanië perfect weerspiegelt.

Oorsprong & Geschiedenis

De geschiedenis van Greco di Tufo is diep verankerd in de antieke wereld. Zoals de naam “Greco” al suggereert, wordt algemeen aangenomen dat de druif haar oorsprong vindt in Griekenland. Ze zou duizenden jaren geleden, mogelijk al in de 8e eeuw voor Christus, door Griekse kolonisten zijn meegenomen naar Zuid-Italië. Dit gebied stond destijds bekend als ‘Magna Graecia’ (Groot-Griekenland) en was een bloeiend centrum van handel en cultuur, waar de wijnbouw een belangrijke rol speelde. De oude Romeinen waardeerden deze ‘Griekse’ wijnen ten zeerste, en Plinius de Oudere noemde in zijn ‘Naturalis Historia’ al een ‘Aminea Gemina’, een druif die door sommigen wordt gezien als een voorouder van de moderne Greco.

De toevoeging “di Tufo” verwijst specifiek naar het stadje Tufo, gelegen in de provincie Avellino in Campanië, en de kenmerkende vulkanische tufsteenbodems van dit gebied. Deze bodems, die rijk zijn aan mineralen en gevormd zijn door eeuwenoude vulkaanuitbarstingen, bleken een ideale voedingsbodem voor de Greco-druif. Hoewel de druif door de eeuwen heen in verschillende delen van Campanië en daarbuiten is verbouwd, heeft ze in de omgeving van Tufo haar meest verfijnde expressie gevonden. Na periodes van relatieve obscuriteit, vooral na de phylloxera-epidemie aan het einde van de 19e eeuw, beleefde Greco di Tufo een heropleving in de tweede helft van de 20e eeuw, toen producenten de unieke kwaliteit en het potentieel van deze inheemse variëteit herontdekten en investeerden in moderne wijnbouwtechnieken. In 1986 kreeg de wijn de status van Denominazione di Origine Controllata e Garantita (DOCG), een bewijs van haar erkende kwaliteit en historische significantie.

Kenmerken van de Druif

De Greco-druif, wetenschappelijk bekend als Vitis vinifera ‘Greco’, is een fascinerende variëteit met specifieke kenmerken die bijdragen aan de distinctieve kwaliteit van de wijnen die ervan worden gemaakt.

Uiterlijk

De druivenbessen van Greco zijn doorgaans middelgroot tot groot, met een ronde tot licht ovale vorm. Ze groeien in compacte, cilindrisch-conische trossen die vaak vleugels hebben. De schil van de Greco-druif is relatief dik en heeft een heldere, geelgroene kleur die bij volledige rijpheid overgaat in een dieper goudgeel, soms met amberkleurige nuances. Deze dikke schil draagt bij aan de concentratie van aroma’s en extracten in de wijn, en biedt ook een zekere bescherming tegen ziektes. Het vruchtvlees is sappig en heeft een kenmerkend aromatisch profiel, zelfs in de druif zelf.

Groeieigenschappen

Greco di Tufo is een laat rijpende druivensoort, wat betekent dat de oogst doorgaans pas in de tweede helft van oktober plaatsvindt, soms zelfs tot in november. Deze lange rijpingsperiode is cruciaal voor de ontwikkeling van complexe aroma’s en de accumulatie van suikers, terwijl de hoge zuurgraad behouden blijft door de koelere nachten in de herfst. De wijnstokken zijn doorgaans van gemiddelde groeikracht. Ze gedijen goed op steile hellingen en worden vaak getraind in pergola-systemen, hoewel moderne wijngaarden ook Guyot- of cordon-systemen gebruiken om de opbrengst te controleren en de kwaliteit te maximaliseren. Een gecontroleerde opbrengst is essentieel om de concentratie en complexiteit te waarborgen waar Greco di Tufo om bekend staat.

Gevoeligheid voor ziektes

Wat betreft de gevoeligheid voor ziektes, is Greco di Tufo over het algemeen redelijk robuust, maar niet immuun. Vanwege de dikke schil is de druif relatief resistent tegen botrytis cinerea (edele rotting), wat in sommige gevallen zelfs kan leiden tot interessante passito-stijlen, hoewel dit zeldzaam is voor de DOCG. Echter, net als veel andere Vitis vinifera-variëteiten, kan Greco gevoelig zijn voor meeldauw (powdery en downy mildew), vooral in vochtige omstandigheden. Daarom zijn zorgvuldig wijngaardbeheer, inclusief goede luchtcirculatie en preventieve behandelingen, cruciaal om de gezondheid van de wijnstokken te waarborgen en de kwaliteit van de druiven te garanderen.

Klimaat & Terroir

Het unieke karakter van Greco di Tufo is onlosmakelijk verbonden met de specifieke klimatologische omstandigheden en het terroir van haar thuisbasis in Campanië. Deze combinatie van factoren creëert de ideale omgeving voor deze bijzondere druif om haar volle potentieel te bereiken.

Ideaal Klimaat

Greco di Tufo gedijt het best in een warm klimaat, maar wel een dat getemperd wordt door belangrijke invloeden. De regio Campanië, en met name de provincie Avellino, waar de DOCG-zone zich bevindt, kenmerkt zich door warme, zonnige zomers. Echter, de wijngaarden liggen vaak op aanzienlijke hoogtes (tussen 400 en 700 meter boven zeeniveau), wat zorgt voor koelere temperaturen, vooral ’s nachts. Deze grote dag-nacht temperatuurverschillen (diurnale variatie) zijn cruciaal. Ze vertragen het rijpingsproces, waardoor de druiven langer aan de stok kunnen blijven hangen om complexe aroma’s te ontwikkelen, terwijl de hoge, natuurlijke zuurgraad behouden blijft – een signatuurkenmerk van Greco di Tufo. Bovendien dragen de invloeden van de Tyrreense Zee, zoals verkoelende zeebriesjes, bij aan het voorkomen van overmatige hitte en het bevorderen van een gezonde rijping.

Bodemvoorkeur

De naam “di Tufo” is een directe verwijzing naar de preferentie van de druif voor tufstenen, oftewel vulkanische, bodems. Deze bodems zijn het resultaat van eeuwenoude vulkaanuitbarstingen van de Vesuvius en andere vulkanen in de regio. Ze zijn rijk aan mineralen zoals zwavel, kalium en fosfor en staan bekend om hun uitstekende drainerende eigenschappen. Dit is essentieel, aangezien Greco-wijnstokken niet van ‘natte voeten’ houden. De vulkanische samenstelling van de bodem draagt niet alleen bij aan de minerale complexiteit en de kenmerkende ‘rokerige’ of ‘vuursteen’-tonen in de wijn, maar helpt ook bij het handhaven van de zuurgraad. De bodem warmt snel op en koelt langzaam af, wat de wortels stimuleert dieper te gaan en voedingsstoffen op te nemen die bijdragen aan het unieke smaakprofiel. Naast tufsteen kunnen de bodems ook lagen van klei en kalksteen bevatten, wat de complexiteit verder vergroot.

Hoogte

De ligging van de wijngaarden op hogere hoogtes speelt een sleutelrol. Zoals eerder vermeld, zorgen de koelere temperaturen op hoogte voor een langere rijpingsperiode. Dit betekent dat de druiven meer tijd hebben om hun fenolische rijpheid te bereiken, wat leidt tot een grotere concentratie van aroma’s en smaken. Tegelijkertijd blijven de zuren fris en levendig, wat resulteert in een wijn met een uitstekende balans en een groot bewaarpotentieel. De combinatie van intense zonneschijn overdag en de verkoelende invloeden van de hoogte en de zee ’s nachts, samen met de minerale rijkdom van de vulkanische bodems, creëert de perfecte symbiose die Greco di Tufo tot een van Italië’s meest onderscheidende witte wijnen maakt.

Smaakprofiel & Aroma’s

Greco di Tufo is een wijn die zowel direct toegankelijk is als een diepe gelaagdheid onthult voor wie de tijd neemt om haar te ontdekken. Haar smaakprofiel is een fascinerende expressie van haar terroir en haar intrinsieke eigenschappen.

Body, Zuurgraad & Tannine

De wijn heeft doorgaans een medium-volle body, wat betekent dat hij een zekere mondvulling en textuur heeft, zonder zwaar of log te zijn. Deze body wordt prachtig in balans gehouden door een hoge zuurgraad, een van de meest kenmerkende eigenschappen van Greco di Tufo. Deze levendige zuren zorgen voor frisheid, structuur en een lange levensduur, en maken de wijn bijzonder geschikt voor gastronomische combinaties. Zoals bij de meeste witte wijnen, is de aanwezigheid van tannine n.v.t. (niet van toepassing); eventuele minimale tannische sensaties zouden afkomstig zijn van schilcontact tijdens de vinificatie, maar zijn niet prominent.

Primaire Aroma’s (Fruit, Bloemen, Mineraliteit)

In de jeugd presenteert Greco di Tufo zich met een helder en uitgesproken bouquet van primaire aroma’s.
* Fruitig: Verwacht tonen van gele appel, rijpe peer, sappige perzik en abrikoos. Citrusvruchten zoals citroen en grapefruit zorgen voor een verfrissende toets.
* Bloemig: Delicate bloemige noten van acacia, kamperfoelie en soms kamille voegen een elegante dimensie toe.
* Mineraliteit: Dit is waar Greco di Tufo echt schittert en zich onderscheidt. De vulkanische bodems van Tufo vertalen zich in uitgesproken minerale tonen van vuursteen, natte steen, vulkanische as en een zekere zilte toets, die de wijn een unieke diepte en complexiteit geven. Dit is geen subtiele mineraliteit; het is een integraal onderdeel van de identiteit van de wijn.

Secundaire Aroma’s (Vinificatie)

De secundaire aroma’s zijn het resultaat van de vinificatieprocessen.
* Gisten en rijping op droesem (lees contact): Wanneer de wijn enige tijd op zijn fijne droesem (dode gistcellen) wordt gerijpt, kan dit leiden tot aroma’s van brioche, gistbrood, amandelen en een romiger mondgevoel. Dit is een veelgebruikte techniek om complexiteit en textuur toe te voegen zonder de frisheid te verliezen.
* Malolactische gisting: Hoewel niet altijd toegepast om de hoge zuurgraad te behouden, kan een gedeeltelijke malolactische gisting (omzetting van appelzuur naar melkzuur) zorgen voor een zachter, romiger karakter met tonen van boter of yoghurt, maar dit is minder typerend voor de klassieke, frisse Greco di Tufo DOCG.
* Houtrijping: De meeste Greco di Tufo-wijnen worden gerijpt in roestvrijstalen tanks om de puurheid van het fruit en de mineraliteit te behouden. Sommige producenten kiezen echter voor rijping in grote, neutrale eikenhouten vaten (botti) om textuur toe te voegen zonder dominante houtaroma’s. Nieuw eikenhout is zeldzaam en wordt meestal vermeden om het karakter van de druif niet te overschaduwen.

Tertiaire Aroma’s (Rijping)

Greco di Tufo heeft een opmerkelijk rijpingspotentieel, en met de leeftijd transformeert het smaakprofiel op prachtige wijze.
* Honing en was: Na enkele jaren ontwikkelen zich vaak rijke tonen van honing, bijenwas en gedroogd fruit (abrikoos, dadel).
* Nootachtig: Aroma’s van geroosterde amandelen, hazelnoten en soms zelfs een lichte karameltoets kunnen naar voren komen.
* Aardse/minerale complexiteit: De minerale tonen verdiepen zich en kunnen evolueren naar complexere, bijna petroleumachtige noten (vergelijkbaar met gerijpte Riesling, maar met een eigen Campaanse twist) of een intensere vuursteen.
* Kruidig: Een lichte kruidigheid, soms van anijs of venkel, kan ook ontstaan.

Deze evolutie maakt gerijpte Greco di Tufo een ware traktatie voor liefhebbers van complexe witte wijnen.

Belangrijkste Wijnregio’s

Hoewel de Greco-druif in verschillende delen van Zuid-Italië wordt verbouwd, is er één regio waar ze haar meest iconische en verfijnde expressie vindt: Campanië, en in het bijzonder de DOCG-zone van Greco di Tufo.

Campanië: Greco di Tufo DOCG

De Denominazione di Origine Controllata e Garantita (DOCG) Greco di Tufo is het hart en de ziel van deze druivensoort. Deze prestigieuze status, verkregen in 1986, garandeert de herkomst en kwaliteit van de wijn. De DOCG-zone is geconcentreerd in een klein, bergachtig gebied in de provincie Avellino, ongeveer 50 kilometer ten oosten van Napels. Het omvat acht gemeenten: Tufo, Montefusco, Santa Paolina, Torrioni, Chianche, Altavilla Irpina, Prata di Principato Ultra en Petruro Irpino. Elk van deze gemeenten draagt bij aan de nuances van de wijnen door kleine variaties in hoogte, blootstelling aan de zon en bodemsamenstelling, hoewel de vulkanische tufsteenbodems overal dominant zijn.

De wijnen uit deze DOCG-zone zijn verplicht voor minstens 85% uit Greco-druiven te bestaan, waarbij de resterende 15% kan bestaan uit Coda di Volpe bianca, een andere inheemse druif die vaak wordt gebruikt om body en aroma toe te voegen. De focus ligt echter onmiskenbaar op de pure expressie van Greco.
De wijnen van de Greco di Tufo DOCG kenmerken zich door hun heldere strogele kleur, intense aroma’s van perzik, abrikoos, citrus en een uitgesproken mineraliteit die doet denken aan vuursteen en zwavel (een directe echo van de tufsteenbodems). De hoge zuurgraad zorgt voor frisheid en een lange afdronk, en geeft de wijnen een uitstekend rijpingspotentieel.
Enkele van de meest gerenommeerde producenten in dit gebied zijn:
* Mastroberardino: Een historisch huis dat een cruciale rol speelde in het behoud en de heropleving van inheemse druivenrassen in Campanië. Hun ‘Nova Serra’ Greco di Tufo is een klassiek voorbeeld.
* Feudi di San Gregorio: Een modern huis dat de traditie combineert met innovatie, bekend om hun elegante en expressieve wijnen, waaronder hun Greco di Tufo ‘Cutizzi’.
* Terredora di Paolo: Een familiebedrijf dat zich richt op pure expressie van het terroir, met een Greco di Tufo die vaak wordt geprezen om zijn balans en mineraliteit.
* Benito Ferrara: Een kleinere, ambachtelijke producent die hoogwaardige, traditionele Greco di Tufo maakt, vaak met een indrukwekkend rijpingspotentieel.
* Ciro Picariello: Bekend om zijn ‘natuurlijke’ benadering en wijnen met een diepe mineraliteit en complexiteit.

Andere delen van Campanië

Buiten de strikte DOCG-zone wordt de Greco-druif ook verbouwd in andere delen van Campanië, vaak onder de bredere Indicazione Geografica Tipica (IGT) status, zoals ‘Campania IGT Greco’. Deze wijnen zijn doorgaans toegankelijker en kunnen in stijl variëren, afhankelijk van het specifieke microklimaat en de bodemsamenstelling. Ze kunnen zowel als monovariëtale wijnen worden aangeboden als in blends met andere lokale druivensoorten. Hoewel ze misschien niet de diepte en complexiteit van een DOCG Greco di Tufo bereiken, bieden ze vaak een prettige, fruitige en frisse drinkervaring.

Andere regio’s in Italië

Hoewel de concentratie en kwaliteit van Greco di Tufo nergens zo hoog is als in de gelijknamige DOCG, is de Greco-druif ook in mindere mate te vinden in andere Zuid-Italiaanse regio’s, zoals Puglia, Basilicata en Calabrië. In deze gebieden wordt de druif vaak gebruikt in blends om frisheid en structuur toe te voegen aan wijnen gemaakt van andere lokale variëteiten. De expressie van de druif kan hier echter aanzienlijk verschillen, aangezien de specifieke terroirs en klimatologische omstandigheden afwijken van het vulkanische hartland van Greco di Tufo.

Vinificatie & Wijnstijlen

De vinificatie van Greco di Tufo is gericht op het behouden van de inherente frisheid, mineraliteit en aromatische complexiteit van de druif, terwijl tegelijkertijd structuur en bewaarpotentieel worden geboden.

Wijntypes

De overgrote meerderheid van Greco di Tufo-wijnen zijn droge, stille witte wijnen. Deze zijn de meest representatieve en gewaardeerde expressie van de druif. Ze worden gekenmerkt door hun levendige zuurgraad, minerale toets en fruitige aroma’s. Hoewel zeldzaam, zijn er ook enkele producenten die experimenteren met Spumante (mousserende wijn) van Greco, meestal gemaakt via de Charmat-methode, wat resulteert in een frisse, fruitige mousserende wijn. Ook zijn er sporadisch voorbeelden van Passito-stijlen (dessertwijnen gemaakt van gedroogde druiven), die rijk en geconcentreerd zijn, maar deze zijn zeer uitzonderlijk binnen de DOCG.

Blend vs. Single Varietal

Binnen de Greco di Tufo DOCG-regelgeving moet de wijn voor minimaal 85% uit Greco-druiven bestaan. Dit betekent dat de meeste wijnen die onder deze DOCG vallen, in essentie single varietal wijnen zijn, of bijna. De resterende 15% mag bestaan uit Coda di Volpe bianca, een lokale druif die kan bijdragen aan de body en aromatische complexiteit. Echter, veel top-producenten kiezen ervoor om 100% Greco te gebruiken om de puurste expressie van het ras en het terroir te garanderen. Buiten de DOCG, in IGT-wijnen, kan Greco vaker worden aangetroffen in blends met andere witte druivenrassen uit de regio.

Eiken vs. Staal

De keuze van het rijpingsvat is cruciaal voor de uiteindelijke stijl van Greco di Tufo.
* Roestvrij staal: Dit is verreweg de meest voorkomende keuze voor de vinificatie en rijping van Greco di Tufo. Roestvrijstalen tanks zijn inert en hebben geen invloed op het smaakprofiel van de wijn. Ze worden gebruikt om de primaire fruitaroma’s, de florale tonen en vooral de kenmerkende mineraliteit van de druif te behouden. De meeste jonge, frisse en levendige Greco di Tufo-wijnen zijn uitsluitend in roestvrij staal gerijpt.
* Oud/groot eikenhout (Botti): Een kleinere groep producenten, met name diegenen die een complexere wijn met meer textuur en rijpingspotentieel nastreven, kiest voor rijping in grote, neutrale houten vaten, zogenaamde ‘botti’. Deze vaten zijn vaak al vele jaren in gebruik en geven geen dominante houtaroma’s (zoals vanille of toast) af. In plaats daarvan zorgen ze voor een langzame micro-oxidatie, wat de wijn meer body, diepte en een subtielere textuur kan geven, terwijl de variëtale puurheid behouden blijft.
* Nieuw eikenhout: Het gebruik van nieuwe, kleine eikenhouten vaten (barriques) is zeer zeldzaam en wordt over het algemeen vermeden voor Greco di Tufo. De krachtige aroma’s van nieuw hout zouden de delicate fruit- en minerale tonen van de druif gemakkelijk kunnen overschaduwen, wat afbreuk zou doen aan de authenticiteit van de wijn. Greco di Tufo is een druif die haar schoonheid ontleent aan de expressie van haar terroir, niet aan houtaroma’s.

Lees Contact en Malolactische Gisting

Veel producenten passen lees contact (rijping op fijne droesem) toe na de alcoholische gisting. Dit proces, waarbij de wijn in contact blijft met de dode gistcellen, voegt complexiteit, textuur en een romiger mondgevoel toe, en kan leiden tot subtiele aroma’s van gist, brioche of noten.
Malolactische gisting (MLF) wordt doorgaans vermeden voor Greco di Tufo. De hoge natuurlijke zuurgraad is een cruciaal kenmerk van de wijn, en MLF zou deze zuren omzetten in zachtere melkzuren, waardoor de frisheid en de levendigheid van de wijn verminderd zouden worden. De meeste producenten streven ernaar de heldere, strakke zuurgraad te behouden die de wijn zo onderscheidend maakt.

Spijs & Wijn

De hoge zuurgraad, de medium-volle body en de uitgesproken mineraliteit van Greco di Tufo maken het een uiterst veelzijdige en gastronomische wijn. Het is een wijn die zowel de lokale Campaanse keuken eer aandoet als schittert bij een breed scala aan internationale gerechten.

Food Pairing

De klassieke combinaties met Greco di Tufo zijn vaak te vinden in de Mediterraanse keuken, met een sterke nadruk op zeevruchten en verse ingrediënten.
* Gegrilde vis: De levendige zuurgraad van Greco di Tufo snijdt perfect door het rijke, vette karakter van gegrilde vis, zoals zeebaars, dorade of tonijn. De minerale toetsen van de wijn vullen de zilte smaken van de zee prachtig aan. Denk aan een eenvoudige gegrilde vis met citroen en verse kruiden.
* Pasta met schelpdieren: Een absolute klassieker. Of het nu spaghetti alle vongole (venusschelpen), linguine met mosselen of een risotto met zeevruchten is, de frisheid en mineraliteit van de wijn harmoniseren uitstekend met de delicate smaken van schelpdieren en de hartige saus, vaak versterkt met knoflook, chili en peterselie.
* Gevogelte: Lichtere gevogeltegerechten, zoals geroosterde kip met citroen en rozemarijn, kalkoenfilet of parelhoen, vinden een goede match in Greco di Tufo. De wijn heeft voldoende body om het vlees aan te kunnen, terwijl de zuren de smaakpapillen verfrissen. Vermijd te zware sauzen die de wijn zouden kunnen overschaduwen.
* Buffelmozzarella: Dit is een iconische combinatie uit Campanië. De romige textuur en de delicate smaak van verse buffelmozzarella worden perfect in balans gebracht door de verfrissende zuurgraad en de minerale complexiteit van de Greco di Tufo. Serveer de mozzarella met verse tomaten en basilicum voor een complete ervaring.
* Risotto: Een breed scala aan risotto’s past uitstekend bij Greco di Tufo. Denk aan een risotto met citroen en garnalen, een lichte groenterisotto (asperges, courgettebloemen) of zelfs een risotto met paddenstoelen, waarbij de aardse tonen van de paddenstoelen mooi aansluiten bij de minerale ondertonen van de wijn.
* Lichte antipasti en groentegerechten: Bruschetta met verse tomaten, gefrituurde courgettebloemen, artisjokken alla Romana, of een salade caprese zijn allemaal heerlijke combinaties. De wijn kan ook goed overweg met lichte kazen, zoals pecorino fresco of jonge Parmigiano Reggiano.

Serveertemperatuur

De ideale serveertemperatuur voor Greco di Tufo ligt tussen 10-12°C. Wanneer de wijn te koud wordt geserveerd (onder 8°C), worden de complexe aroma’s en de textuur gedempt, en komt alleen de zuurgraad naar voren. Wordt de wijn daarentegen te warm geserveerd (boven 14°C), dan kan hij log en minder fris aanvoelen, en kan de alcohol prominenter worden. Een temperatuur van 10-12°C zorgt ervoor dat de fruitige, bloemige en minerale tonen optimaal tot hun recht komen, terwijl de levendige zuurgraad behouden blijft en de medium-volle body prettig aanvoelt in de mond.

Welk Glas?

Voor Greco di Tufo is een standaard witwijnglas met een gemiddelde kelk en een lichte tapsheid naar boven toe uitstekend. Dit type glas concentreert de aroma’s voldoende zonder ze te overrompelen. Een glas met een iets bredere kelk, vergelijkbaar met een jong Bordeaux-witwijnglas of een universeel wijnglas, kan