Introductie
Central Otago, gelegen op het Zuidereiland van Nieuw-Zeeland, is meer dan zomaar een wijnregio; het is een fenomeen. Het is ’s werelds meest zuidelijk gelegen wijngebied, gepositioneerd op de 45e breedtegraad zuid, een geografische evenknie van beroemde noordelijke regio’s zoals de Rhônevallei en de Bourgogne. Wat Central Otago echter uniek maakt, zijn de extreme continentale klimatologische omstandigheden en een adembenemend berglandschap dat de wijngaarden omarmt. Deze combinatie van factoren heeft de regio in relatief korte tijd getransformeerd tot een van de meest gerespecteerde terroirs voor Pinot Noir ter wereld.
De wijnen uit Central Otago zijn direct herkenbaar aan hun levendige fruitigheid, vaak doorspekt met aardse tonen, een kenmerkende minerale ruggengraat en een verfrissende zuurgraad. Het is een regio waar de strijd van de wijnstok tegen de elementen resulteert in wijnen van uitzonderlijke concentratie en elegantie. Hoewel Pinot Noir onbetwist de koning is, verrast Central Otago ook met verrassend expressieve witte wijnen, met name van Riesling en Pinot Gris, die perfect passen bij de puurheid en precisie die de regio nastreeft. Het is de belichaming van Nieuw-Zeelandse innovatie en toewijding aan kwaliteit, gesmeed in een landschap van ruige schoonheid.
Geografie & Terroir
De geografie en het terroir van Central Otago zijn onlosmakelijk verbonden met de unieke identiteit van de wijnen. Gelegen in het hart van het Zuidereiland, ver weg van de kustinvloeden, wordt de regio gekenmerkt door een dramatisch landschap van diepe valleien, glooiende heuvels en imposante bergketens zoals de Southern Alps die de regio omringen. Deze binnenlandse ligging, in combinatie met de zuidelijke breedtegraad, creëert een terroir dat wereldwijd zijn gelijke niet kent.
Ligging & Hoogte
Central Otago bevindt zich op ongeveer 45 graden zuiderbreedte, een unieke positie die het de titel ’s werelds zuidelijkste wijnregio oplevert. De wijngaarden liggen op hoogtes variërend van 200 tot meer dan 400 meter boven zeeniveau. Deze hoogte draagt bij aan koelere nachttemperaturen, wat essentieel is voor het behoud van zuurgraad en de ontwikkeling van complexe aroma’s in de druiven, vooral in een van nature warmere continentale klimaat. De valleien en bassins waarin de wijngaarden zijn aangeplant, zoals de Cromwell Basin, Bannockburn en Gibbston, creëren natuurlijke amfitheaters die de wijnstokken beschermen en tegelijkertijd maximale blootstelling aan de zon garanderen.
Klimaat
Het klimaat van Central Otago is uitgesproken continentaal, een zeldzaamheid in Nieuw-Zeeland, dat over het algemeen een maritiem klimaat kent. Dit betekent hete, droge zomers en koude, vaak strenge winters. De gemiddelde jaarlijkse neerslag is laag, vaak minder dan 600 mm, dankzij de regenschaduw van de omliggende bergketens. Dit maakt irrigatie noodzakelijk in veel wijngaarden, maar de droogte minimaliseert ook de ziektedruk.
Een cruciaal aspect van het klimaat is de enorme diurnale variatie: grote temperatuurverschillen tussen dag en nacht. Overdag kunnen de temperaturen in de zomer hoog oplopen, wat zorgt voor optimale rijping van de druiven en de ontwikkeling van suikers. De koude nachten vertragen dit rijpingsproces en helpen de druiven hun natuurlijke zuurgraad te behouden, wat resulteert in wijnen met een uitstekende balans en frisheid. De lange, droge herfstmaanden, vaak met veel zonuren, bieden de mogelijkheid voor een lange ‘hang time’, waardoor de druiven langzaam en volledig kunnen rijpen, wat essentieel is voor de complexiteit van Pinot Noir.
Bodemtypes
De bodems in Central Otago zijn net zo divers en complex als het landschap zelf. Twee hoofdtypen domineren:
* Mica-schist: Dit is de meest voorkomende en kenmerkende bodemsoort. Het is een metamorf gesteente dat rijk is aan mica, wat zorgt voor een glinsterende textuur. Schistbodems zijn doorgaans arm aan organisch materiaal en zeer goed doorlatend, wat de wijnstokken dwingt diep te wortelen op zoek naar water en voedingsstoffen. Dit resulteert in geconcentreerde druiven en wijnen met een uitgesproken minerale component en structuur. De vele stenen in de bodem absorberen overdag warmte en geven deze ’s nachts langzaam af, wat bijdraagt aan de rijping van de druiven.
* Löss: Dit zijn fijne, door de wind afgevoerde sedimenten die zich gedurende duizenden jaren hebben afgezet. Lössbodems zijn vruchtbaarder dan schist en hebben een goede waterhoudende capaciteit, hoewel ze nog steeds uitstekend draineren. Ze dragen bij aan wijnen met meer fruitige expressie en een zachtere textuur.
De combinatie van deze bodemtypes, vaak afgewisseld binnen één wijngaard of subregio, draagt bij aan de nuance en complexiteit van de wijnen uit Central Otago.
Microklimaten & Subregio’s
De bergachtige topografie creëert tal van microklimaten, die elk een subtiele, maar merkbare invloed hebben op de wijnstijl. De belangrijkste subregio’s, die elk hun eigen karakteristieke terroir bezitten, zijn:
* Gibbston: Gelegen ten oosten van Queenstown, is Gibbston de meest westelijke en koelste subregio. De wijngaarden liggen op hogere hoogtes, vaak op steile hellingen. Het klimaat is hier het meest extreem, met de kortste groeiseizoen. Dit resulteert in Pinot Noir met een elegant, verfijnd karakter, helder rood fruit, kruidige tonen en een levendige zuurgraad. De wijnen zijn vaak strakker en meer gestructureerd.
* Bannockburn: Vaak beschouwd als het “grand cru” gebied van Central Otago, is Bannockburn warmer en droger dan Gibbston, met wijngaarden die op de noordelijke hellingen van de Kawarau River-vallei liggen. De bodems zijn hier dieper en rijker aan löss bovenop schist. De Pinot Noir uit Bannockburn is doorgaans krachtiger, rijker en voller, met donkerder fruit, complexere aardse tonen en een fluweelzachte textuur.
* Bendigo: Gelegen ten noordoosten van Bannockburn, is Bendigo een van de warmste en droogste subregio’s. De bodems zijn hier een mix van schist, löss en klei. De wijnen uit Bendigo zijn vaak intens, geconcentreerd, met veel donker fruit, kruidigheid en een robuuste structuur.
* Cromwell Basin: Dit is het grootste en meest diverse wijngebied, omringd door bergen en inclusief kleinere gebieden zoals Pisa, Lowburn en Parkburn. Het is een warmer gebied dan Gibbston, met een mix van schist en lössbodems. De wijnen variëren hier sterk, afhankelijk van de specifieke locatie, van elegante en fruitige tot meer gestructureerde stijlen.
* Alexandra: De meest zuidelijke en oostelijke subregio, en een van de droogste en heetste. De wijngaarden liggen vaak op terrassen langs de Clutha River. De Pinot Noir uit Alexandra kan zeer expressief zijn, met een uniek mineraal karakter en een stevige structuur.
Deze diversiteit aan microklimaten en bodems, gecombineerd met de extreme continentale invloeden, maakt Central Otago tot een fascinerend gebied voor wijnbouw, waar elke subregio een eigen verhaal vertelt in de fles.
Geschiedenis
De wijnbouwgeschiedenis van Central Otago is een verhaal van vroege ontdekking, lange vergetelheid en een spectaculaire heropleving. In tegenstelling tot veel oude wereldregio’s, is de moderne wijnbouw hier nog jong, maar de wortels reiken dieper dan men zou vermoeden.
De Gouden Eeuw en de Eerste Wijnstokken (19e eeuw)
De eerste sporen van wijnbouw in Central Otago dateren uit de jaren 1860, ten tijde van de goudkoorts die de regio in zijn greep hield. Goudzoekers en vroege kolonisten, vaak van Europese afkomst, brachten hun kennis en liefde voor wijn mee. Een van de meest prominente figuren was Jean Feraud, een Fransman die in de jaren 1860 wijngaarden aanplantte bij Clyde en al in 1864 medailles won voor zijn wijnen. Andere pioniers volgden, en er was een korte periode van experimentele wijnbouw. Echter, de uitdagingen van het extreme klimaat, het gebrek aan infrastructuur en de lucratieve goudwinning betekenden dat de wijnbouw nooit echt van de grond kwam en uiteindelijk in de vergetelheid raakte. Tegen het begin van de 20e eeuw waren de meeste wijngaarden verdwenen.
Een Lange Slaap (Midden 20e eeuw)
Gedurende het grootste deel van de 20e eeuw was Central Otago geen wijnregio. Het landschap werd gedomineerd door schapenhouderij, fruitteelt (vooral abrikozen en kersen) en het toerisme rond de natuurlijke schoonheid. De extreme winters en de afgelegen ligging werden als onoverkomelijke obstakels voor wijnbouw beschouwd.
De Herontdekking en de Pinot Noir Revolutie (Jaren 1980)
De ware renaissance van de wijnbouw in Central Otago begon pas in de vroege jaren 1980. Een nieuwe generatie pioniers, geïnspireerd door de potentie van het unieke terroir en de successen van andere Nieuw-Zeelandse regio’s, durfde het aan om te investeren.
* Alan Brady (Gibbston Valley): Vaak beschouwd als de grondlegger van de moderne wijnbouw in Central Otago. Brady plantte in 1981 de eerste commerciële wijngaard in Gibbston, tegen alle adviezen in. Zijn overtuiging dat Pinot Noir hier kon gedijen, bleek profetisch.
* Rolf Mills (Rippon): In 1982 plantte Rolf Mills zijn wijngaarden aan de oevers van Lake Wanaka, in wat nu de Cromwell Basin subregio is. Rippon werd al snel een icoon en een blauwdruk voor kwaliteit en terroir-expressie.
* Andere pioniers: Producenten zoals Felton Road, Mt. Difficulty en Amisfield volgden al snel en vestigden hun naam in de jaren 1990. Zij bewezen dat Central Otago niet alleen potentieel had, maar ook wijnen van wereldklasse kon produceren, met name van Pinot Noir.
De focus op Pinot Noir was cruciaal. De pioniers realiseerden zich dat de extreme diurnale temperatuurverschillen, de minerale bodems en de lange, droge herfstmaanden ideale omstandigheden boden voor dit veeleisende druivenras.
Groei en Internationale Erkenning (Jaren 1990 – Heden)
Vanaf de jaren 1990 kende Central Otago een snelle groei. Het wijnbouwoppervlak breidde zich uit, nieuwe producenten vestigden zich en de kwaliteit steeg exponentieel. De wijnen uit Central Otago begonnen internationale prijzen te winnen en kregen de aandacht van vooraanstaande wijncritici. De regio werd al snel synoniem met premium Pinot Noir, gewaardeerd om zijn elegantie, fruitzuiverheid en complexe aardse tonen.
Vandaag de dag is Central Otago een gevestigde naam op de wereldwijnkaart, met ongeveer 2.000 hectare aan wijngaarden. Het blijft een regio van innovatie, met een sterke focus op duurzame wijnbouw (veel producenten zijn gecertificeerd onder Sustainable Winegrowing New Zealand – SWNZ) en het verder verfijnen van de expressie van zijn unieke terroirs. De geschiedenis van Central Otago is een inspirerend voorbeeld van hoe visie en doorzettingsvermogen kunnen leiden tot de creatie van een wereldberoemde wijnregio in een van de meest uitdagende omgevingen.
Classificatie & Regelgeving
In Nieuw-Zeeland, en dus ook in Central Otago, wordt een relatief eenvoudig en pragmatisch classificatiesysteem gehanteerd, in tegenstelling tot de vaak complexe en hiërarchische systemen in Europa zoals AOC of DOC. Het systeem is gebaseerd op de erkenning van geografische aanduidingen (Geographical Indications, GI’s).
GI Central Otago
De overkoepelende classificatie voor de regio is de GI Central Otago. Een Geographical Indication (GI) is een beschermde aanduiding die garandeert dat de wijn afkomstig is uit een specifieke geografische regio en voldoet aan bepaalde productienormen. Voor Nieuw-Zeelandse GI’s betekent dit voornamelijk dat:
* De druiven voor de wijn voor 100% afkomstig moeten zijn uit de vermelde GI-regio.
* De wijn moet worden geproduceerd in overeenstemming met de algemene Nieuw-Zeelandse wijnwetgeving, die hoge standaarden stelt aan kwaliteit en traceerbaarheid.
In vergelijking met Europese systemen zijn de GI-regels minder restrictief wat betreft druivenrassen, opbrengsten, snoeimethoden of specifieke wijnbouwtechnieken. De focus ligt op de herkomst en de integriteit van de naam. Dit geeft wijnmakers in Central Otago de vrijheid om te experimenteren en hun eigen stijl te ontwikkelen binnen de grenzen van het terroir. De reputatie van de regio is dan ook grotendeels gebaseerd op de collectieve inzet van individuele producenten voor kwaliteit.
Belangrijkste Sub-regio’s (GI’s binnen GI)
Binnen de bredere GI Central Otago zijn er verschillende belangrijke sub-regio’s die ook als hun eigen, meer specifieke GI’s worden erkend. Deze sub-regio’s, vaak aangeduid op het etiket, weerspiegelen de diverse microklimaten en terroirs die de regio rijk is en dragen bij aan de nuance van de wijnen. Ze zijn niet hiërarchisch geordend in de zin van ‘hogere’ of ‘lagere’ kwaliteit, maar vertegenwoordigen distinctieve expressies van Central Otago:
* Gibbston: De koelste en meest westelijke sub-regio, gekenmerkt door hogere ligging en een korter groeiseizoen. Wijnen uit Gibbston zijn vaak elegant, met helder rood fruit, een uitgesproken zuurgraad en minerale tonen.
* Bannockburn: Een van de meest prestigieuze sub-regio’s, bekend om zijn warmere, drogere klimaat en bodems met een mix van löss en schist. Bannockburn Pinot Noir staat bekend om zijn rijkdom, concentratie, donkerder fruit en fluweelzachte tannines. Veel topdomeinen hebben hier wijngaarden.
* Bendigo: Een warmere en drogere sub-regio ten noordoosten van Bannockburn. De wijnen zijn hier vaak intens en krachtig, met een diepe fruitexpressie en een stevige structuur.
* Cromwell Basin: Dit is het grootste wijnbouwgebied en omvat diverse microklimaten rondom Cromwell, waaronder gebieden zoals Pisa, Lowburn en Parkburn. De wijnen uit de Cromwell Basin zijn divers, variërend van elegante en aromatische tot meer robuuste en gestructureerde stijlen.
* Alexandra: De meest zuidelijke en oostelijke sub-regio, gekenmerkt door extreme temperaturen. Wijnen uit Alexandra kunnen een uniek mineraal karakter en een krachtige structuur vertonen.
Deze sub-regio’s stellen consumenten in staat om de subtiele verschillen in terroir en stijl te waarderen die Central Otago te bieden heeft. Producenten kunnen ervoor kiezen om hun wijnen te labelen met de overkoepelende ‘Central Otago’ GI of met een specifiekere sub-regio, afhankelijk van de herkomst van de druiven.
Productieregels en Duurzaamheid
Naast de GI-specificaties zijn er geen strikte, regio-specifieke productieregels die druivenrassen, opbrengsten of snoeimethoden dicteren, zoals dat in veel Europese appellaties wel het geval is. De Nieuw-Zeelandse wijnindustrie legt echter een sterke nadruk op duurzaamheid. Veel wijnhuizen in Central Otago zijn aangesloten bij het Sustainable Winegrowing New Zealand (SWNZ)-programma, een initiatief dat de milieuvriendelijke productie van wijnen bevordert. Dit omvat aspecten als waterbeheer, bodemgezondheid, biodiversiteit en het minimaliseren van chemicaliën. De toewijding aan duurzaamheid is een belangrijk onderdeel van de identiteit van Central Otago en draagt bij aan de zuiverheid en kwaliteit van de wijnen.
Druivenrassen
Hoewel Central Otago een relatief jonge wijnregio is, heeft het zich snel gespecialiseerd in een paar druivenrassen die uitzonderlijk goed gedijen in het unieke continentale klimaat en op de minerale bodems. De focus ligt hier duidelijk op kwaliteit boven kwantiteit, en de meeste wijnen zijn single varietals die de pure expressie van de druif en het terroir weerspiegelen.
Pinot Noir
Pinot Noir is onbetwist de koning van Central Otago. Het is het ras dat de regio op de wereldkaart heeft gezet en meer dan 80% van het totale wijnbouwoppervlak beslaat. De extreme temperatuurverschillen tussen dag en nacht, de lange rijpingstijd en de minerale schistbodems creëren ideale omstandigheden voor deze veeleisende druif.
De Pinot Noir uit Central Otago wordt gekenmerkt door een combinatie van elegantie en kracht. De wijnen vertonen vaak helder rood fruit zoals kersen, frambozen en aardbeien, aangevuld met donkerder fruit zoals pruimen en bramen, afhankelijk van de subregio en de producent. Deze fruitigheid wordt vaak begeleid door complexe secundaire aroma’s van wilde kruiden, bosgrond, truffel, specerijen (kaneel, kruidnagel) en een kenmerkende minerale toets. De wijnen hebben doorgaans een levendige zuurgraad en goed geïntegreerde, zijdezachte tannines, wat zorgt voor een uitstekende structuur en een groot rijpingspotentieel. Diverse klonen van Pinot Noir, waaronder de beroemde Dijon-klonen (zoals 113, 114, 115, 667, 777) en de Abel-kloon (ook bekend als ‘Pommard’), worden gebruikt, wat bijdraagt aan de complexiteit en diversiteit van de stijlen.
Riesling
Riesling is de belangrijkste witte druif van Central Otago en een ware schat voor degenen die verder kijken dan Pinot Noir. De koele nachten en de lange, droge herfstmaanden zijn perfect voor Riesling, waardoor de druiven langzaam kunnen rijpen en hun natuurlijke, hoge zuurgraad behouden, terwijl ze toch complexe aroma’s ontwikkelen.
De Rieslings uit Central Otago zijn zeer divers, variërend van strakdroog en mineraal tot off-dry met een vleugje restsuiker, en zelfs edelzoete wijnen in de stijl van Duitse Auslese of Trockenbeerenauslese in uitzonderlijke jaren. De wijnen staan bekend om hun pure expressie van citrus (limoen, citroen), groene appel, bloemige tonen en een kenmerkende minerale ruggengraat. Ze zijn fris, levendig en hebben een uitstekend rijpingspotentieel, waarbij ze met de jaren complexere tonen van honing en toast ontwikkelen.
Pinot Gris
Pinot Gris (ook bekend als Grauburgunder) heeft zich eveneens bewezen in Central Otago. Het is een ras dat hier kan floreren dankzij de lange en zonnige dagen die zorgen voor voldoende rijpheid, terwijl de koele nachten de frisheid bewaren.
De Pinot Gris-wijnen uit Central Otago zijn doorgaans rijker en voller dan veel van hun Europese tegenhangers. Ze vertonen aroma’s van rijpe peer, appel, kweepeer, honing en kruidige tonen. Vaak hebben ze een weelderige textuur en een lichte zoetheid, hoewel droge varianten ook voorkomen. Ze zijn uitstekende begeleiders van diverse gerechten, van zeevruchten tot Aziatische keuken.
Chardonnay
Chardonnay is een wereldwijd aangeplant ras, en ook in Central Otago vindt het zijn plek, hoewel in kleinere hoeveelheden dan Pinot Noir. De stijl van Chardonnay uit Central Otago is geëvolueerd. Aanvankelijk waren er rijkere, eikenhouten varianten, maar de trend gaat nu meer richting elegantie en terroir-expressie.
De Chardonnays uit Central Otago kunnen een breed spectrum bestrijken, van strak en mineraal, met tonen van citrus en steenfruit, tot rijkere, complexere wijnen met subtiel eikenhout, noten en een romige textuur, vaak met een onderliggende minerale frisheid. De beste voorbeelden tonen een prachtige balans tussen fruit, zuurgraad en complexiteit.
Overige Rassen
Hoewel in veel kleinere hoeveelheden, worden ook andere druivenrassen aangeplant, vaak als experiment of voor specifieke stijlen:
* Gewürztraminer: Produceert aromatische wijnen met kenmerkende tonen van lychee, rozenblaadjes en kruiden.
* Sauvignon Blanc: Hoewel niet de primaire focus, produceren sommige wijnhuizen frisse, levendige Sauvignon Blancs die afwijken van de meer uitgesproken stijlen van Marlborough.
* Mousserende wijnen: Een groeiend aantal producenten maakt uitstekende mousserende wijnen volgens de traditionele methode, vaak op basis van Pinot Noir en Chardonnay, die de frisheid en elegantie van de regio weerspiegelen.
De focus op single varietals in Central Otago benadrukt de overtuiging dat de druivenrassen, in combinatie met het unieke terroir, het beste tot hun recht komen wanneer ze puur worden gepresenteerd. Blends zijn zeldzaam, tenzij het gaat om mousserende wijnen.
Wijnstijlen
De wijnstijlen van Central Otago zijn direct gevormd door het extreme continentale klimaat, de diverse bodems en de toewijding van de wijnmakers aan kwaliteit. Hoewel Pinot Noir de onbetwiste ster is, biedt de regio een verrassend breed scala aan expressies, zowel in rood als wit.
Pinot Noir
De Pinot Noir uit Central Otago is de meest iconische wijnstijl en staat bekend om zijn elegantie, fruitzuiverheid en complexe gelaagdheid. Er is echter een breed spectrum aan stijlen, afhankelijk van de subregio en de filosofie van de wijnmaker:
* Elegante & Aromatische Stijl (bv. Gibbston): Deze wijnen komen vaak uit de koelere subregio’s en worden gekenmerkt door helder rood fruit (kers, framboos, rode bes), florale tonen, kruidigheid (wilde tijm, rozemarijn) en een uitgesproken minerale frisheid. Ze zijn vaak lichter van kleur en body, met een levendige zuurgraad en fijne, zijdezachte tannines. Voorbeelden van producenten die deze stijl vaak belichamen zijn Gibbston Valley en Amisfield.
* Rijke & Krachtige Stijl (bv. Bannockburn, Bendigo): Uit de warmere en drogere subregio’s komen Pinot Noirs die donkerder en geconcentreerder zijn. Ze vertonen aroma’s van donker fruit (pruim, braam, zwarte kers), chocolade, koffie, aardse tonen (bosgrond, truffel) en vaak meer uitgesproken specerijen. Deze wijnen hebben doorgaans een vollere body, een stevigere tannine structuur en een groter rijpingspotentieel. Felton Road, Mt. Difficulty en Burn Cottage zijn hier uitstekende voorbeelden van.
* Gebalanceerde & Complexe Stijl (bv. Cromwell Basin): Veel wijnen uit de Cromwell Basin combineren elementen van beide stijlen, met een mooie balans tussen rood en donker fruit, aardse complexiteit en een verfijnde structuur. Rippon staat bekend om de diepte en complexiteit van hun wijnen.
Over het algemeen delen alle Central Otago Pinot Noirs een kenmerkende heldere zuurgraad, die de wijnen frisheid en lengte geeft, en een mineraliteit die vaak wordt toegeschreven aan de schistbodems. Ze zijn uitstekend te combineren met wild, lamsvlees, eend en paddenstoelgerechten.
Witte Wijnen
Hoewel Pinot Noir de schijnwerpers steelt, produceert Central Otago ook witte wijnen van uitzonderlijke kwaliteit, die een perfecte aanvulling vormen op het rode aanbod.
* Riesling: De Rieslings variëren van strakdroog met tonen van limoen, groene appel en natte steen, tot off-dry met een subtiele zoetheid die de fruitigheid versterkt, en zelfs edelzoete dessertwijnen in uitzonderlijke jaren. De gemene deler is de hoge, verfrissende zuurgraad die de wijnen spanning en een lang leven geeft. Ze zijn veelzijdig aan tafel, van Aziatische gerechten tot schaal- en schelpdieren of als aperitief.
* Pinot Gris: De Pinot Gris-wijnen zijn vaak rijk en vol van smaak, met aroma’s van rijpe peer, kweepeer, gember en honing. Ze hebben een weelderige textuur en kunnen variëren van droog tot een lichte zoetheid. Ze zijn uitstekend bij romige sauzen, varkensvlees of gevogelte.
* Chardonnay: De Chardonnays uit Central Otago zijn de laatste jaren steeds verfijnder geworden. Men vindt zowel ongedekende, minerale stijlen met tonen van citrus en witte perzik, als subtiel geëikte varianten die complexiteit toevoegen met tonen van hazelnoot, toast en een romige mondgevoel, zonder de frisheid te verliezen. Ze passen goed bij geroosterde kip, vis met rij